jun 292016
 

Gemeenteraad 28 juni 2016

(vragen en opmerkingen van en door Stan Meeussen en Jos van Dongen)

Punt A.1: Kennisname van de jaarrekening van het OCMW van Zoersel
(opmerkingen door Stan Meeussen)

Bij de  “doelstellingenrealisatie 2015”, lees ik op blz. 12. “Werken aan drugspreventie bij scholieren.”
Gerealiseerd: Ja.
DDP- project politie.

Ik veronderstel dat het letterwoord DDP hier misschien staat voor Dienst Drug Preventie of zoiets, toch zou ik om zeker te zijn, graag hebben dat letterwoorden of afkortingen die in een tekst voorkomen in de toekomst, tenminste éénmaal voluit geschreven worden. Zodat ik als leek, ze begrijp en mee ben.

Verontschuldig mij, maar klaar taalgebruik zodat de leek het kan snappen, was toch één van de doelstellingen die de Vlaamse ambtenarij en dus ook de locale overheid, ooit voor zichzelf gemaakt heeft. Met dank bij voorbaat zou ik zeggen.

Verder.
“Preventieambtenaar zit in het schoolhoofdenoverleg van de scholengroep Middelbare scholen Malle (hierbij ook KK St. Job en VTI Zandhoven.”)

Mijn vraag: Wie is die preventieambtenaar?
En kan die persoon gecontacteerd worden door de burger?

Volgende bemerking.

Terwijl hier de resultaten van de inkomsten en uitgaven van 2015 voorgelegd worden, gebeuren nu in 2016, de transacties die ten voordele of ten nadele, ons ter kennisname in 2017 zullen worden voorgelegd. Ik zeg hier wel degelijk ten nadele omdat ik mijn bedenkingen heb bij een transactie die onlangs gebeurd is. Namelijk, de onderhandse verkoop van gronden, gekend als de Vorsebeemden in Halle. Dit voor een totale oppervlakte van 13.277 m2 en verkocht aan Natuurpunt aan de prijs van 2,24 euro per m2 oftewel voor een totaal bedrag van 29.740,48 euro. Misschien is in deze, Natuurpunt, een bevoorrechte partner, ik weet het niet. Maar dan mag  in de notulering wel vermeld worden welke wet of decreet dit machtigt.

Immers, mensen hebben mij er op aangesproken dat zij ook wel voor een gedeelte, interesse hadden in die gronden. Wel wetende natuurlijk dat deze gronden in landschappelijk waardevol gebied liggen zouden zij, na verwerving, evengoed best bereid geweest zijn mee te stappen, in het door Natuurpunt uitgestippeld project van natuurbehoud. Dus ik zou graag weten welke wet of decreet deze ‘vervreemding via onderhandse verkoop’,  zoals ik het lees, wettigt zonder dat de particulier hierin gekend wordt.

Zou de particulier mee kunnen bieden hebben, dan had de prijs per m2 hoger geweest, want die mensen wilden best meer geven. Wat in dit geval de OCMW kas, de gemeentekas en dus de portemonaie van de Zoerselse belastingbetaler ten goede was gekomen. Financieel een gemiste kans.

Want het kan ook anders, zonder dat de natuurbescherming hiervoor moet inboeten en een voorbeeld hiervan hebben we hier in Halle op Liefkenshoek. In het recent blaadje van ‘Regionaal Landschap de Voorkempen’, lees ik een artikel waarin een eigenaar samenwerkt met Regionaal Landschap de Voorkempen, ‘aan het in stand houden en verbeteren van het landschap’ zo staat het er letterlijk in de tekst. Ik citeer uit het artikel: “Samen met ons landschapsteam willen we jou helpen bij het beheer en/of herstel van deze landschapselementen. We geven gratis advies, zoeken subsidies of laten onderhoudswerken uitvoeren en/of herstellingswerken uitvoeren. Als eigenaar behoud je altijd het laatste woord.
CONTACTEER ons VRIJBLIJVEND!.
Jan Ostermeyer, medewerker landschap en erfgoed.
Tel. O3/312 87 14.”

Ik zou zeggen. Zo kon het ook. Voor het natuurbehoud had het geen verschil gemaakt maar wel voor de toekomstige jaarrekening van het OCMW en dus voor de portemonaie van de Zoerselaar.

De voorzitter van het OCMW antwoordt dat het drugspreventieproject nu vanuit de politie wordt georganiseerd. Er worden o.m. informatieavonden ingericht. De preventieambtenaar is Erik Fuhlbrugge van de sociale dienst. Wat de gronden aan de Vorsebeemden betreft, gaat het om de verkoop van verschillende kleine stukjes grond die samen een repel vormen. Natuurpunt vroeg om deze aan te kopen. De OCMW-raad stelde dat het geen kerntaak is om dit te beheren en besliste unaniem tot de verkoop. Natuurpunt betaalde de prijs van het schattingsverslag. Het OCMW heeft nooit van iemand enig ander voorstel gehad hieromtrent. De verkoop werd niet kenbaar gemaakt.

Raadslid Meeussen zegt dat hij denkt dat er geen wet of decreet bestaat waarin is bepaald dat Natuurpunt daarvoor een bevoorrechte partner is.

De voorzitter van het OCMW zegt dat ze zal nagaan of er een voorkooprecht bestaat voor Natuurpunt.

Raadslid Meeussen denkt dat men meer had kunnen krijgen van de grond, en hij hoopt dat dit in de toekomst anders zal gaan.

De voorzitter van het OCMW herhaalt dat het een unanieme beslissing van de OCMW-raad was om de grond te verkopen. De raad oordeelde dat het, ook vanuit natuurkundig oogpunt, goed was om de grond te verkopen aan Natuurpunt.

Punt A.2: Budgetwijziging 1 van 2016:
(vragen van Jos van Dongen)

1/ Er wordt een nominatieve toelage voorzien voor OKRA Sint-Antonius van 2.400 euro voor het beheer van het lokaal in de Gestelsebaan. Waarom deze budgetaanpassing? Wat is er veranderd?

2/ Aanpassing investeringsbudgetten voor de nieuwe school in Halle: Verhoging van bijna 1.300.000 euro wat uitgaven betreft en een verlaging van de geraamde inkomsten met meer dan een miljoen euro. Ik neem aan dat wij hierover straks de nodige toelichtingen zullen verkrijgen bij behandeling  van het agendapunt over PPS Halle-Dorp.

De schepen, bevoegd voor senioren, K. Schryvers , antwoordt m.b.t. de toelage aan OKRA, dat vroeger de gemeente alle energiekosten van het lokaal voor haar rekening nam. Nu is het de bedoeling dat verenigingen geresponsabiliseerd worden om oordeelkundig om te gaan met energiegebruik. Daarom geeft de gemeente wel een toelage aan de vereniging, maar moet ze zelf de energiefactuur betalen.

Punt A.4: Begraafplaatsreglement:
opmerkingen door Jos van Dongen:
1/Artikel 11 §3: aangepaste tekst (in het rood) is fout. ‘de urne kan bijgeplaatst worden in een nis in het urneveld’  moet worden ‘de urne kan bijgeplaatst worden in een nis van het columbarium’ (zie artikel 30 pag. 6) ‘of worden geplaatst of bijgeplaatst in een urnegraf’ (zie art. 29 pag.6).

2/Artikel 27: Tekst ‘Er mogen maximum 3 urnen in één urnenveld’ is fout: ’urnenveld’ moet worden vervangen door  ‘urnegraf’ (zie artikels 26, 28§1 of 29§1)

3/Artikel 56: aangepaste tekst (in het rood) is volledig fout: Er wordt verwezen naar een minimumtermijn voor het ruimen van de grafkelder zoals bepaald in artikel 51. Dit klopt helemaal niet, artikel 51 handelt niet over een minimumtermijn.

Schepen Van de Velde antwoordt m.b.t. de eerste opmerking van raadslid van Dongen dat dit opgelost kan worden door twee komma’s te plaatsen, namelijk achter de woorden “in een nis” en “in een urnenveld”. Het schepencollege denkt dat raadslid van Dongen gelijk heeft wat zijn tweede opmerking betreft. Wat zijn derde opmerking betreft, zegt schepen Van de Velde dat artikel 51 een periode van 25 jaar vermeldt.

Raadslid van Dongen zegt dat er nergens staat dat dit over een minimumtermijn gaat.

Schepen Van de Velde zegt dat de minimumtermijn in Zoersel 25 jaar is.

Raadslid van Dongen zegt dat dit niet klopt.

De burgemeester zegt dat het woord ‘minimumtermijn’ kan worden toegevoegd in art. 51.

vraag van  Stan Meeussen:
Bladzijde 13: “Betekenisvolle graven die zich buiten het Erepark bevinden, kunnen als Zoersels Erfgoed erkend worden. Het college van burgemeester en schepenen beslist over deze erkenning.” Waarom wordt de gemeenteraad hierin niet gekend?

Schepen Van de Velde antwoordt dat normaliter op advies van de werkgroep Erfgoed en Patrimonium, of op advies van de Heemkundige kring of een andere vereniging een graf voorgedragen wordt als waardevol voor de gemeente Zoersel. Bij zijn weten moet dit niet door de gemeenteraad bekrachtigd worden.

Raadslid Meeussen vraagt zich toch af waarom de gemeenteraad hier niet mee mag over beslissen.

Schepen Van de Velde zegt dat dit toch ook niet gebeurt bij de begraving van iemand op een erepark. Dit is ook een waardevol graf. Ook hier beslist het college of het waardevol is, gebaseerd op het advies van één of andere raad. De burgemeester stelt dat het om een beslissing gaat die best op korte termijn wordt genomen.

Punt A.5: Erfdienstbaarheid voor aanleg leidingen en kabels voor het Koetshuis:
(opmerking door 
Jos van Dongen):
Opmerking bij punt 5 van de ‘Lasten en voorwaarden’ van de ‘overeenkomst betreffende erfdienstbaarheden’:
Tekst punt 5:
5. Indien bij de uitoefening van de rechten, onder punt 3 en 4 voornoemd, schade wordt veroorzaakt aan afsluitingen en inrichtingen van allerlei aard toebehorend aan “de eigenaar”  of de huurder van de bovengrond zal deze schade niet vergoed, maar voorlopig worden hersteld. De definitieve herstelling is ten laste van “de eigenaar”.

Deze clausule lijkt mij onaanvaardbaar en zou moeten worden geschrapt of minstens herschreven wat betreft de lasten van de definitieve herstelling.

Schepen Kennis stelt dat, als de aannemer schade veroorzaakt bij de aanleg van de pompput, deze ten laste is van Pidpa.

Raadslid van Dongen betwist dit.

Na een korte discussie, zegt schepen Kennis dat hij dit zal navragen.

Punt A.7: Goedkeuring kaderovereenkomst PPS Halle (Bouw gemeentelijke basisschool / PPS Halle-Dorp):
(vragen en opmerkingen van en door Stan Meeussen en Jos van Dongen)

opmerkingen door Stan Meeussen:

In de werkgroep, pps Halle, van verleden woensdag, waar den Bart een zeer verzorgde en verstaanbare toelichting gaf over de stand van zaken in dit dossier, vernamen we dus dat de school de hoogste prioriteit krijgt en de andere werven een poos ter plaatse rust zullen houden. Voor ons geen probleem want de school is inderdaad prioritair.

Zoals Bart het heeft voorgesteld is het een schoon project en geniet het dan ook onze volle steun. Het siert hem ook dat hij gezegd heeft dat de persoonlijke inbreng van de burger die suggesties heeft aangeboden betreffende de interne inrichting van het gebouw, (en waar ook Stan Bartholomeeusen zojuist al naar verwees) zeker en vast ernstig genomen wordt en dat dit zal doorgepraat worden met de directie. Bart kennende weet ik zeker dat dit geen loze belofte is.

Anderzijds en ik herhaal het hier tot in den treure nog maar eens, wat ik in vorige werkgroepen al gezegd heb. Namelijk dat het een gemiste kans is om het gebouw niet van een keldering te voorzien. Uiteraard is het een meerkost maar vermits het gebouw niet in de lucht zweeft moet ge so wie so een prijs voor de fundatie betalen. Dit bedrag kan al van de kelderprijs afgetrokken worden. Vergeet niet, dat ge daardoor dan voor een relatief mindere prijs, het potentieel van een etage in de grond, nu al in glansbeton, bij krijgt. Bijkomend voordeel is de energiezuinigheid, want in een kelder vriest het niet, is het nooit te warm en nooit te koud. Het argument van niet waterdicht zijn, is, op de manier waarop kelders nu gemaakt worden quasi onbestaande. Ik zeg het nogmaals, een gemiste kans en een blunder van formaat.

Wat me wel pleziert/plezierde verleden woensdag in de werf van de herschikking van het dorpsplein, is dat het voortbestaan van het stuk oud jongensschoolgebouw, in vraag gesteld kan worden. Zo heb/had ik het tenminste begrepen, want nadat ik zojuist agendapunt 12 nog rap heb doorworsteld, moet ik in tegenspraak met de lof die ik daarjuist Bart toezwaaide, nu misschien dan toch zeggen: “Bart kennende, zijn/waren dat maar loze beloften.” Voor ons mag het afgebroken worden zodat men daar met een leeg blad kan beginnen. Het heeft geen enkele architectonische, culturele meerwaarde. Om het te laten voldoen aan de strengere energienormen kost het stukken van mensen. We zitten in Zoersel nog met enkele oude gebouwen met een grotere cultuur historische waarde, waarvan ik het bestaansrecht hoger inschat en die ook een lopende rekening zijn. De drie pastorijen, de drie kerken, het kasteeltje in Halle en wat van dies meer dat me nu nog niet te binnen schiet. (De verdere afwikkeling van pps Zoersel waar Stan Bartholomeeussen zojuist naar verwees). Of hebben wij dan toch een ezeltje dat geld schijt.

Trouwens, de activiteiten die daar nu gebeuren kunnen perfect in de nabijgelegen nieuwe school. Het gebouw staat dan ook nog eens lelijk in de weg voor een vlotte toegang naar het rusthuis en naar de nieuwe school met al zijn nevenactiviteiten. Het sentimentele argument dat daar ooit een generatie zijn broek versleten heeft op de schoolbanken is dan ook géén argument.

Voor de rest, mijn felicitaties waarop Bart woensdag de presentatie gedaan heeft.

Schepen Sebreghts antwoordt aan raadslid Meeussen als volgt: In verband met ‘het ernstig nemen van burgers die suggesties gedaan hebben’, zegt hij dat hij hieromtrent de stand van zaken niet kent. Over de oude jongensschool is er inderdaad nog geen 100%-beslissing dat deze zou behouden blijven. Het is namelijk een werf waarover later nog uitspraak moet worden gedaan.

Raadslid Meeussen zegt dat zich in het dossier van het agendapunt over de goedkeuring van het wegentracé tussen de Halmolenweg en Hallevelden (A12) een plan bevindt waarop de oude school staat.

Schepen Sebreghts zegt dat in de kaderovereenkomst is vermeld dat over de werf van het Dorpsplein later uitspraak wordt gedaan. Het dossier van het wegentracé heeft geen effect op de werf van het Dorpsplein. Raadslid Meeussen zegt dat het dossier van het wegentracé toch vandaag in mekaar werd geknutseld. Schepen Sebreghts herhaalt dat het agendapunt over het wegentracé niets te maken heeft met het Dorpsplein.

vraag van Jos van Dongen:
Vraag over §2 van artikel 4 van de Overeenkomst  (pagina 4):
Tekst laatste zin van §2:
‘ZOERSEL zal op geen enkele manier tussenkomen in geval van vereffening of faillissement van VAN ROEY.’

Vraag: Wat indien er in dit geval schade wordt opgelopen door Zoersel (bijvoorbeeld aanstellen nieuwe uitvoerder of vertraging van werkzaamheden)? Moet Zoersel dan niet ‘tussenkomen’ om haar belangen te verdedigen?

Schepen Sebreghts antwoordt dat hij deze tekst niet leest als jurist, maar dat hij hem leest als: ‘De gemeente komt financieel niet tussen.’ De burgemeester zegt dat in §1 ervoor is opgenomen dat de overeenkomst dan zal beëindigd zijn. Er kan dan van de gemeente geen betaling worden gevraagd. Dit wil echter niet zeggen dat de gemeente dan geen schuldvordering zou kunnen indienen.

Raadslid van Dongen vraagt verder nog waarom de leraarskamer precies daar moet komen.

De burgemeester antwoordt dat het een centrale plaats betreft t.o.v. de klassen en de speelruimte, wat trouwens ook goed is voor de nabewaking.

Punt A.9Dading met nv E-Villas en nv BGR voor een terrein aan de Dennenlaan.
(vraag van Jos van Dongen)
Vraag over een tekst van ‘Artikel 3’ van de dading (laatste lijn van pagina 5 en eerste zin van pagina 6):

Tekst luidt:  ‘Derde partijen worden niet geëngageerd / geïnspireerd tot om het even welke administratieve of burgerlijke rechtsinstantie of administratieve overheid tegen om het even welke administratieve toelating of burgerlijk recht dat noodzakelijk is om het Project te kunnen realiseren.’

Deze tekst zoals die hier in de dading staat is voor mij totaal onbegrijpelijk (ik vermoed dat er een deel tekst ontbreekt). Graag nadere toelichting.

Op de vraag van raadslid van Dongen antwoordt de burgemeester dat de bezorgdheid van de projectindiener is dat de gemeente alsnog, via aanzetten van derden, bezwaar zou indienen.

Punt A.10Goedkeuring van het jaarverslag en van het resultaat-2015 van de interlokale vereniging Sportregio Midden-Provincie.

Raadslid J. van Dongen zegt dat in het bundel de gemeente Zoersel maar éénmaal wordt vermeld, en dit voor een vormingsinitiatief ‘volleybal’, waarbij toch 18 Zoerselse deelnemers waren. Daarom is het misschien best om toch nog voort te doen.

Punt A.12Goedkeuring wegentracé tussen de Halmolenweg en Hallevelden.
(vraag van Stan Meeussen)
Gaat dit enkel en alleen over de wegenis rond de nieuwe school?

De burgemeester zegt dat er drie toegangen zijn naar de school, namelijk via het dorpsplein, via de verbindingsweg, en via de Halmolenweg, waarvoor een verbreding noodzakelijk is wegens de aanwezigheid van nog ander verkeer.

Raadslid Meeussen stelt dat men toch steeds naast mekaar rijdt, hoe breed je een fietspad ook maakt. Op een fietspad moet je achter mekaar rijden.

Vragen tijdens vragenronde 

Vragen van Constant Meeussen: 

1/ Weet de burgemeester nu al wat een mobiele flitspaal kost?

De burgemeester antwoordt dat de vraag over de camera’s moeilijk te beantwoorden is door de politie. Zij leest het antwoord voor dat zij hierover van de politie ontving. “Er zijn verschillende firma’s die gespecialiseerd zijn in verplaatsbare camerabewaking. In de camerawetgeving wordt het gebruik van mobiele camera’s enkel toegestaan aan de politie in het kader van grote volkstoelopen of met het oog op automatische nummerplaatherkenning. Verplaatsbare camera’s vallen onder de regels van de vaste camera’s. Om richtprijzen te kunnen geven, moeten deze firma’s weten welk doel er beoogd wordt. Staan de camera’s onder permanent toezicht, bv. op een festivalweide, of moeten ze beveiligd worden? Moeten de beelden in realtime bekeken worden of enkel nadien? Moeten de beelden doorgestuurd worden of ter plaatse opgeslagen? Moeten de camera’s snel verplaatst kunnen worden of is er tijd voor demontage? M.a.w. de camera’s worden besteld aan de hand van een bestek met opgave van wat men precies wil”. De burgemeester kan er niet zomaar een prijslijst van geven, maar zij heeft hier wel degelijk navraag naar gedaan.

2/ Wanneer mag ik de door mij in vorige gemeenteraad aan Koen aangevraagde “op aanvraag uitgeprinte brochure over het Bomenprotocol” ontvangen?

De schepen van leefmilieu, K. Paredaens, overhandigt hem een exemplaar.

Vraag van Jos van Dongen: 

Waarom wordt op de plannen van de nieuwe school in Halle de naam ‘dorpsplein’ plots gewijzigd in ‘dorpskamer’.

De burgemeester antwoordt dat deze naam bedacht werd door de ontwerpers die een ruimere omschrijving in gedachten hadden.

Raadslid van Dongen antwoordt dat dit eigenlijk niet ruimer is, aangezien de term ‘dorpskamer’ vroeger werd gebruikt voor de voorlopers van wat later de gemeentehuizen werden.

De burgemeester antwoordt dat dit zeker niet de bedoeling was.